Danilo Alexander Hendriksz, geboren in Nederlands-Indië 25 december 1915 te
Noord-Sumatra Koetaradja (Adjeh Banda)
Op de plantage Lho Kroët waar Danilo opgroeide in zijn jeugd was zijn vader D.W.A. Hendriksz de administrateur-planter van deze onderneming, Danilo zal een onbekommerde jeugd hebben gehad.
De familie Hendriksz verplaatste zich nog wel eens zo ook kwamen zij terecht op Java Cultuur maatschappij Pasir Awie Tjibadak Panarewoean Soekaboemi, werd ook geleid door D.W.A. Hendriksz.
Ongetwijfeld heeft Danilo Hendriksz daar zijn jeugd doorgebracht zie ook dit knipsel uit de krant van zaterdag 23 maart 1935 uitgegeven te Samarang.
Hierin werd al gesproken over een vliegtuig en wel de “Pelikaan”
De Brievenbus. Voor de meisjes.
LeadeV. Blitar. Heb je het boek al uit. Ik denk het van wel. De heer B. is niet bij ons geweest. Ik denk, dat hij na al die briefjes van jou aan mij en omgekeerd een beetje verlegen was. Ik had het wel gezellig gevonden en had dan meteen veel over jullie kunnen vragen. Zoo, jullie krijgen er dus weer vele eters bij. Hoe is het opstel geworden? Ik had er nu nooit aan gedacht om te schrijven over de Pelikaan. Ik geloof, dat jij heel graag eens ineen vliegmachine zou zitten. Geduld meisje, die tijd komt misschien ook nog wel eens. Dag Lea, de groetjes, thuis! De Petjangaannetjes. Jullie’ hebben al weer een paar gezellige dagen achter den rug. Ik hoor altijd, over tochtjes naar het strand, of naar Demak of naar Semarang. Toch maar prettig al die uitgangetjes. Ik speelde vroeger ook graag inden tuin als het had geregend. Dat plassen in het water was mijn grootste plezier. Doe mijn groeten aan de fam. Hendriksz en aan Danilo. Wat zal D. genieten van dat autorijden.
1935 het jaar dat Danilo Hendriksz onder de wapenen wordt op geroepen en wel op 15 mei 1935, hij ondergaat zijn diensttijd bij de 1 afdeling veldartillerie waarbij Hendriksz op 10 oktober 1935 richter 1e klas wordt en wordt direct ook seiner 1e klas.
Danilo Hendriksz maakt zijn diensttijd normaal af en gaat met groot verlof op 27 oktober 1935 zijn tijd van 6 maanden dienen zit er op.
Danilo heeft zijn eerste militaire ervaring met goed gevolg doorlopen, zijn familie met name zijn vader had plannen om in Europa en wel in Zuid Frankrijk een rozenkwekerij te beginnen om dan zijn gekweekte rozen te verhandelen aan de parfumerie industrie in Grasse.
Grasse is een klassieke Franse stad die vooral bekendstaat vanwege de parfums die er gemaakt worden. Het merendeel van de Franse productie van parfum vindt hier plaats. In de stad vindt u naast vele parfumwinkels ook drie grote parfumhuizen: Galimard, Fragonard en Moulinard
In die periode ging Danilo Hendriksz naar Brussel en volgde daar studies in de agricultuur om later de rozentuin over te nemen als zijn vader met pensioen zou gaan. Maar wat Danilo had geleerd kwam niet overeen met de oude leerschool van zijn vader in Indië
Danilo Alexander Hendriksz besloot om zijn militaire bloed te volgen en wilde naar ons Indië om daar te worden opgeleid tot militair vlieger.
Op 26 april 1939 werd hij aangenomen en verbonden voor de overzeese militaire dienst zowel in als buiten Europa voor 5 jaren ingaande met de dag van geschikt bevinden voor uitzending toegelaten als kanonnier 2e klas.
Danilo Hendriksz word geplaatst op de Prins Hendrik Kazerne te Nijmegen aan de Daalseweg


Deze opleiding wordt voltooid in zeer korte tijd, er is weinig ruimte voor vertier wel werd er een groepsfoto gemaakt op het Kazerneterrein.
En 8 mei 1939 geschikt bevonden voor uitzending.
Bij aankomst in Indië zal hij worden bestemd voor de vliegeropleiding, welke aanvangt op 1 juli 1939. Wanneer mocht blijken, dat hij – om welke reden ook- ongeschikt wordt bevonden voor de vliegeropleiding c.q. opleiding tot monteur, dan zal hij naar het Wapen der Artillerie worden teruggeplaatst en zijn daarbij aangegaan verband hebben uit te dienen.-
19 Mei 1939 Geëmbarkeerd te Amsterdam aan boord van het S.S. “J.P.Coen”
De bootreis vanuit Amsterdam naar Nederlands-Indië arriveerde op 17 juni 1939 in de haven van Batavia ( Tandjoeng Priok). De militairen werden vervoerd naar de Basis Kalidjati voor hun verdere opleiding als militair vlieger.
Er direct een schema gepresenteerd waarop de namen van de leerling-vliegers die zouden gaan vliegen op de Koolhoven FK-51 trainer er werd continu gevlogen op de basis de jongens moesten zo snel mogelijk hun klein brevet halen om door te gaan op de werkelijke gevechtstoestellen. zoals jagers en bommenwerpers.
Hendriksz werd ingedeeld op de vliegschool op 29 juli 1939 middels dit schema in de klasse B om 9.30- 11.30 uur onder instructeur S.M. Kranenburg er werd gevlogen op de Koolhoven FK 51 met registratienummer K.33
De groep waarbij Danilo Hendriksz werd in gedeeld behaalde op vrijdag
3 november 1939 het klein militair luchtvaart brevet, waarbij allen werden benoemd als adspiranten-onderofficier-vlieger.
Uiteindelijk was het de zelfde groep die ook in Nijmegen elkaar ontmoeten op de Prins Hendrik Kazerne in 1939.
Er werd onderscheid gemaakt naar welke afdeling, tijdens de opleiding op Kalidjati daar hebben de jongens hun vlieglessen genoten, betreft de soorten vliegtuigen zo als Jachtvliegtuigen, Bommenwerpers, of vrachtvliegtuigen ( troepenvervoer)
Maar hier gingen om de Oorlogsvliegtuigen van het begin in de 2e wereldoorlog in Indië die werden in gezet tegen de Japanse aanvallen op Nederlands-Indië, meest voor de Luchtvaartafdeling- Koninklijke Militaire Indisch-Leger

Zo kwam op het eind van zijn opleiding in Kalidjati Danilo Hendriksz terecht als Luitenant piloot-waarnemer op een bommenwerper Glenn Martin bommenwerper B-10
maakte de eerste aanvallen mee boven Borneo en Tarakan tegen de Japanse jagers Zero.


Luitenant-vlieger- waarnemer Danilo Hendriksz heeft nog even in Bandoeng gewoond dicht bij de vliegbasis Andir.
Begin maart 1942 op Java waren de aanvallen van de Japanse troepen zodanig dat het niet meer te stuiten was, en op 8 maart is de capitulatie daar op Kalidjati daar werden de papieren ondertekend door de Generaal Hein ter Poorten
Om verder te gaan betreft een bijzonder persoon die bij deze Japanse aanval op 3 maart 1942 het leven verloor namelijk Luitenant vlieger waarnemer D.A. Hendriksz van het Militaire Luchtvaart Koninklijke Nederlands-Indische Leger.
Dit verhaal bleef mij interesseren ook juist over de Militaire Luchtvaart KNIL, het was juist deze persoon die ik hebt kunnen volgen vanaf zijn militaire loopbaan ik schreef er al over in het begin van dit verhaal.
Ik vond zijn staat van dienst bij het nationaal Archief in Den Haag ook voor een document voor een postume onderscheiding.

Mede omdat ik was aangesloten bij het veteranenverband Militaire Luchtvaart-KNIL en bij de reünie’s op Bronbeek in de Kumpulan e.e.a. kon laten zien over de militaire vliegvelden op Java en strijd na 1945 op de Indische Archipel. Middels mijn stands waar mijn boeken en bijzondere foto’s uit die tijd en zelf een beeldscherm met video’s daarover, sprak ik vele oud gedienden van verschillende onderdelen van de Militaire Luchtvaart.
Op 21 januari 2018 bij een reünie van de Militaire Luchtvaart in de Kumpulan op Bronbeek sprak ik Daan Hendriksz, die reuze nieuwsgierig was naar mijn stand en de verhalen en boeken die ik had betreft Nederlands-Indië en de ML-KNIL.


Daan Hendriksz vertelde over zijn vader die omkwam bij de “Diamantvlucht” naar Broome en die de aanval heeft meegemaakt boven het strand van Carnot Bay in de buurt van Broome.
Ik vertelde hem mijn ervaringen van de Marine Luchtvaartdienst in Soerabaja en over de ML-KNIL bij deze onderdelen zijn familie van ons omgekomen, een in een Dornier vliegboot van de Marine Luchtvaartdienst uit Soerabaja en Tandjoeng Priok, en een bij een crash op 14 mei 1949 boven Java.
Van de Marine Luchtvaartdienst is op 25 februari 1942 bij een Japanse aanval boven de Javazee de Dornier X-17 in de Javazee gestort de bemanning hebben het niet overleefd, daarbij was een familielid van ons bij A.K. v der Pol vliegtuigmakermaat, ik schreef zijn verhaal op deze website.
De crash gebeurde op weg naar Andir de Militaire luchtbasis. Daan was benieuwd of iets wist van de ML-KNIL en de gebeurtenissen in de oorlog, ik weet alles van vele vluchten ook over die van vlucht van Kapitein Smirnoff met de Dakota DC-3 PK-AFV.
Hierbij verder het verhaal in de Defensiekrant van 23 november 2023
Eerste luitenant Danilo Hendriksz komt om tijdens ‘diamantvlucht’
Na de Japanse bezetting van Nederlands-Indië wijken eenheden van het Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger (KNIL) uit naar Australië. Het is 3 maart 1942 als eerste luitenant-vlieger Danilo Hendriksz als een van de laatste militairen de oversteek maakt. Net voordat hij en de acht andere passagiers aankomen, wordt de ‘diamantvlucht’ door de Japanners neergehaald. Hendriksz komt daarbij om het leven. Vandaag kreeg hij postuum het Mobilisatie-Oorlogskruis, dat zijn 81-jarige zoon Daan Hendriksz vol trots in ontvangst nam.
kapitein Jessica Bode | Foto: Paul Tolenaar
Het is voormalig dienstplichtig Centurion-monteur en gepensioneerd auto- en servicemonteur Bert van Willigenburg die ervoor heeft gezorgd dat wijlen Danilo Hendriksz “de eer krijgt die hem toekomt”. Wat Bert betreft een bijzonder verhaal, dat doorgegeven moet worden. “Want dit leren ze niet meer op school”, vertelt hij vanuit z’n werkkamer vol archiefmateriaal, thuis in Barneveld.
Raadsel oplossen
Al decennialang doet de hobbyhistoricus onderzoek naar het KNIL en de marineluchtvaartdienst (MLD). Die fascinatie begon al in z’n tienerjaren, nadat hij zijn vrouw Inge Tielman had leren kennen. “Zij is geboren in Lumajang, op Oost-Java, en haar oom Guus van der Pol sneuvelde in Nederlands-Indië tijdens de Tweede Wereldoorlog. Alleen wist niemand wat er gebeurd was.” Bert was vastberaden dat raadsel op te lossen en dook de geschiedenisboeken in.*
*Meer weten over Guus van der Pol? Lees hieronder het verhaal over de ‘crash bij de Noordwachter’
Van het een komt het ander en sindsdien verdiept de Barnevelder zich steeds vaker in de geschiedenis van individuele militairen. Van wie Hendriksz het meest recente voorbeeld is. “Ik werd in 2016 uitgenodigd als gastspreker bij Museum Bronbeek voor een bijeenkomst over de MLD. Daar ontmoette ik Daan Hendriksz. We raakten aan de praat en na enige tijd besloot ik op onderzoek te gaan naar zijn vader Danilo, die in 1939 als 24-jarige militair werd uitgezonden naar Nederlands-Indië.”
No. 18 Squadron
Danilo Hendriksz is net klaar met z’n militaire basisopleiding als hij in maart per schip aankomt op het eiland Java. “Hij gaat naar Vliegbases Kalidjati en Andir, vlak boven Bandoeng, voor de opleiding tot militair vlieger. Daar werkt hij zich in korte tijd op tot sergeant tweede bestuurder en uiteindelijk tot eerste luitenant-vlieger-waarnemer.
‘Jij moet hier blijven, want ik denk dat ik het niet overleef’
En dan bezetten de Japanners tussen december 1941 en maart 1942 Nederlands-Indië. De troepen rukken snel op en het KNIL kan ze niet tegenhouden. Het Nederlandse leger geeft zich echter niet gewonnen en is vastbesloten om de activiteiten tegen de Japanners vanuit Australië voort te zetten. De militairen die niet krijgsgevangen zijn gemaakt, moeten zo snel mogelijk die kant op om het nieuwe ‘No. 18 (Netherlands East Indies) Squadron’ op te richten. “Danilo gaat ook. Zijn kersverse echtgenote Jacqueline blijft achter”, weet Bert. “Hij zei letterlijk tegen haar: ‘Jij moet hier blijven, want ik denk dat ik het niet overleef’, niet wetende dat zij twee maanden in verwachting was van hun zoon Daan. Het afscheid blijkt inderdaad een vaarwel.”
Parelstad
In de nacht van 2 op 3 maart 1942 gaat luitenant Hendriksz aan boord van een Douglas DC-3, beter bekend als de Dakota. Hij vliegt als een van de laatste militairen vanaf Bandoeng naar parel- en parelmoerstad Broome, waar een Nederlandse vliegbasis ligt. Kort voor vertrek van PK-AFV brengt een koerier nog pakketje aan boord. Piloot Iwan Smirnoff heeft geen idee wat het is, maar moffelt het weg onder z’n stoel. Het blijkt een kostbare vracht diamanten met een waarde van driehonderdduizend Engelse pond. Omgerekend nu zo’n tien miljoen euro. Die moet koste wat kost uit Japanse handen worden gehouden.
Pure pech
Na uren uur vliegen slaat rond negen uur ‘s ochtends het noodlot toe. Net voor de West-Australische kust, slechts tachtig kilometer van Broome, wordt hun vliegtuig onverwacht aangevallen door drie Mitsubishi A6M Zero’s van de Japanse Keizerlijke marineluchtmacht.fzer
‘Het was helemaal niet logisch dat de Japanners hier het vuur zouden openen’
“Pure pech”, verzucht Bert. “Het was helemaal niet logisch dat de Japanners hier het vuur zouden openen, want ze waren niet in deze regio actief. Ook hadden ze in een straal van zes uur vliegen geen uitvalsbasis om te tanken. Ze kwamen van Timor. Achteraf blijkt dat ze extra brandstoftanks bij zich hadden.” De Japanners hadden de Nederlandse vliegbasis bij Broome al eerder waargenomen tijdens een inspectievlucht. “Toen ze die een dag later gingen bombarderen, kwamen ze ineens het Nederlandse toestel tegen.”

1e Luitenant-vlieger-waarnemer Koninklijke Nederlands-Indisch leger en Indisch verzet.
Overleden bij een Japanse luchtaanval op Broome ,Australië. Hij was aan boord van een Douglas C-3
( PK-AFV) die werd neergeschoten en stort in Carnot Bay, ten noorden van Broome.
Ook herdacht op het Alleid War Memorial Broome, West-Australië
Er is gemeld dat hij oorspronkelijk in Broome werd begraven, vervolgens werd opgegraven en herbegraven, in Menteng Pulo, Jakarta, en uiteindelijk werd herbegraven in Karrakatta.
De Oorlogsgravenstichting heeft bevestigd dat hij nog steeds begraven ligt op de Nederlandse Oorlogsbegraafplaats Menteng Pulo
De Foundation weet niet wie verantwoordelijk was voor het plaatsen van de huidige gedenkplaat op de
Perth War Cementery
In de dagen daarna heeft Jacqueline Hendriksz nog geen idee wat er met haar man is gebeurd. Tot overmaat van ramp wordt ze geïnterneerd. Tot de bevrijding in augustus 1945 leeft ze met haar zoon Daan in gevangenschap. Na de bevrijding vertrekt het tweetal naar Nederland. De vier slachtoffers van de ramp met de diamantvlucht worden ter plekke op het strand begraven. Later wordt het stoffelijk overschot van Danilo Hendriksz via Perth, op verzoek van Jacqueline, naar Jakarta gebracht. Daar vindt hij zijn laatste rustplaats op het militaire Ereveld Menteng Pulo op Jakarta.
Standjutter
En de diamanten? Een van de passagiers heeft na de crash geprobeerd om het pakketje veilig te stellen, maar door de rook, de deining en dreiging bleek dat onmogelijk. Naar het schijnt heeft een Australische strandjutter, Jack Palmer, later alle waardevolle spullen uit het wrak gehaald. Er wordt aangenomen dat hij daarbij ook het kostbare pakket onder de pilotenstoel heeft meegenomen. Volgens de verhalen heeft hij de diamanten verspreid over vrienden en her en der verstopt.

Het merendeel van de diamanten is nog altijd zoek
Palmer en zijn handlangers komen in mei 1943 voor de rechter, maar worden allen vrijgesproken. In de afgelopen decennia zijn hier en daar nog diamanten opgedoken, maar het merendeel is nog altijd zoek. “Opvallend is wel dat Jack Palmer na 1942 opvallend rijk bleef”, vult Bert aan.
Verrassing
Al met al vond de hobbyhistoricus het verhaal van Hendriksz zo bijzonder dat hij zich inzette om hem een Mobilisatie Oorlogskruis te laten krijgen. Dat is gelukt en die onderscheiding heeft zoon Daan eerder vandaag als verrassing in ontvangst mogen nemen op het hoofdkwartier van de luchtmacht in Breda. De tachtiger is ontzettend trots en weet zeker dat zijn vader, als hij de crash had overleefd, nog van grote waarde zou zijn geweest voor de Nederlandse krijgsmacht.

What’s one thing you’ll always remember when you think of Danilo?
Het mysterie rond de dood van Guus van der Pol
Bert van Willigenburg is getrouwd met Inge, die tot haar zevende (1957) met haar familie in Nederlands-Indië woonde. Inge’s oom Guus van der Pol werkte tijdens de Tweede Wereldoorlog bij de marineluchtvaartdienst op Vliegkamp Morokrembangan, op het Indonesische Soerabaja. “Hij was daar vliegtuigmaker in opleiding”, vertelt Bert, die onderzoek naar hem deed . Op 25 februari 1942, twee dagen voor de Slag in de Javazee, maakten Guus en z’n collega’s een verkenningsvlucht met een Dornier Do-24K vliegboot, met registratie X-17. Kort na vertrek werd hun vliegtuig door vijandelijke marine zero-jagers van het Japanse 64 Sentai ‘jachtvliegsquadron’ onder vuur genomen. De kist stortte neer en kwam net boven Jakarta op z’n kop in zee terecht. “Dat gebeurde vlakbij de ‘Noordwachter’, de oudste nog bestaande vuurtoren uit de Nederlandse koloniale tijd. Hun stoffelijke overschotten zijn nooit teruggevonden.”
Al in 1947 kregen Guus en z’n kameraden postuum het Vliegerkruis, maar de familie werd daar pas in 1992 van op de hoogte gesteld. “Toen ben ik me hierin gaan vastbijten. Ik wilde voor de familie uitzoeken wat er met Guus was gebeurd”, benadrukt Bert. “Ik kon het ophelderen en vond zelfs een foto van het wrak in zee. Ik maakte er een boek van en richtte een website op.” Bert weet nog goed hoe moeilijk het was om het nieuws en de foto aan z’n schoonouders te laten zien. “Maar ik weet ook nog hoe dankbaar ze waren dat ze eindelijk duidelijkheid hadden.”











